U bevindt zich hier:

Het Hof van Justitie heeft in de zaak Dong Yang Electronics recent bevestigd dat een dochtervennootschap een vaste inrichting kan zijn voor de btw. In deze zaak ging het om Dong Yang Electronics (Hierna: Dong Yang) die van LG Korea de opdracht kreeg om printplaten te assembleren. De materialen die daarvoor worden gebruikt zijn eigendom van LG Korea. Deze materialen zijn geïmporteerd in Polen en door de dochtermaatschappij van LG Korea, LG Polen, bij Dong Yang afgeleverd. Wanneer Dong Yang de diensten heeft verricht worden de printplaten afgeleverd bij LG Polen. LG Polen produceert met deze printplaten tft-lcd-modules in opdracht van LG Korea. Wanneer deze modules af zijn worden ze naar LG Duitsland vervoerd. Zowel LG Korea als LG Polen hebben ieder een eigen btw nummer in Polen. Op de factuur van Dong Yang aan LG Korea heeft Dong Yang geen (Poolse) btw berekend, omdat LG Korea buiten Polen en de EU is gevestigd. De Poolse fiscus is van mening dat LG Polen fungeert als vaste inrichting van LG Korea en dat Dong Yang daarom Poolse btw verschuldigd is over de assemblagediensten. De Poolse rechter heeft hierover prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie.

Het Hof van Justitie maakt in dit arrest duidelijk dat de enkele omstandigheid dat LG Korea in Polen beschikt over een dochtervennootschap onvoldoende is om aan te nemen dat LG Korea in Polen een vaste inrichting heeft. Daarnaast volgt uit dit arrest dat een btw-ondernemer als Dong Yang niet kan worden verplicht om de contractuele verhoudingen tussen LG Korea en LG Polen te onderzoeken teneinde vast te stellen of LG Korea beschikt over een vaste inrichting in Polen. Het Hof laat niettemin nadrukkelijk de mogelijk open dat een dochtervennootschap een vaste inrichting kan zijn. Echter, indien uit de aard en het gebruik van de dienst en het contract, de order, het verstrekte btw-identificatienummer en de betaling niet (eenduidig) vast te stellen is dat sprake is van een vaste inrichting, dan mag de dienstverlener er volgens het Hof van uitgaan dat hij presteert aan de buitenlandse moedervennootschap. Voor de praktijk betekent dit arrest dat een dienstverlener die presteert aan een buitenlandse vennootschap op zijn hoede moet zijn indien deze afnemer beschikt over een lokale dochtervennootschap. Dit geldt eens te meer indien deze dochtervennootschap op enigerlei wijze betrokken is bij de overeengekomen diensten, zoals in de Dong Yang zaak het geval was. Wilt u weten wat deze beslissing voor uw dienstverlening aan buitenlandse afnemers betekent? Dan kunt u contact met ons opnemen op het telefoonnummer 078 – 622 54 52 of het e-mailadres info@btwinstituut.nl.

BTW-PLAZA

Meld u nu aan en ga direct aan de slag

direct aanmelden

Btw-nieuws

Actueel btw-nieuws met vertaling naar de praktijk

Btw-kennis

Zelf op zoek naar voor u relevante antwoorden

Btw-tools

Handige (reken)tools voor uw btw-administratie

Btw-advies

Gratis btw-advies altijd binnen handbereik