U bevindt zich hier:

Feiten

KNMG is een vereniging met als leden de beroepsverenigingen van artsen. KNMG houdt zich bezig met het tegen vergoeding registreren van artsen en het tegen vergoeding erkennen van medische vervolgopleidingen. KNMG verzorgt zelf geen opleidingen.

Voorwaarden koepelvrijstelling

Voorwaarden voor toepassing van de koepelvrijstelling zijn:

1. de leden van de koepelorganisatie verrichten vrijgestelde prestaties of kwalificeren niet als btw-ondernemer;
2. de prestaties waarop de koepelorganisatie de vrijstelling wil toepassen, zijn rechtstreeks nodig voor de vrijgestelde dan wel niet-economische prestaties van de leden;
3. de koepelorganisatie vordert van ieder lid slechts betaling van zijn aandeel in de gezamenlijke kosten ; en
4. er is geen sprake van (ernstige) verstoring van de concurrentieverhoudingen.


Hoge Raad

De Hoge Raad gaat alleen in op middel 4. Middel 4 richt zich tegen het oordeel van het hof dat KNMG voor de registratiediensten niet van iedere arts het precieze aandeel in de gezamenlijke uitgaven berekent, omdat zij hiervoor aan de artsen een vaste vergoeding in rekening brengt.

De Hoge Raad stelt dat met art. 11, lid 1, onderdeel u Wet OB uitvoering is gegeven door de wetgever aan art. 132, lid 1, onderdeel f btw-richtlijn. Een van de cumulatieve voorwaarden voor toepassing van de koepelvrijstelling is dat ter zake van de koepel aan haar leden verleende diensten, van deze leden slechts terugbetaling wordt gevorderd van hun aandeel in de gezamenlijke uitgaven.

Volgens de Hoge Raad heeft het hof terecht tot uitgangspunt genomen dat diensten van een koepelorganisatie alleen onder de koepelvrijstelling vallen indien die koepelorganisatie voor die diensten enkel terugbetaling vordert van het precieze aandeel van de betrokkenen in de gezamenlijke uitgaven ten behoeve van die diensten. Het oordeel van het hof geeft daarom geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting.

De Hoge Raad stelt dat niet aan alle cumulatieve voorwaarden voor toepassing van de koepelvrijstelling is voldaan, lees voorwaarde 3, en dat de registratiediensten dus niet zijn vrijgesteld van btw. De Hoge Raad behandelt daarom de middel 2 en 3 niet. De middelen 2 en 3 zien op de vraag of getrapte leden ook kwalificeren als leden voor toepassing van de koepelvrijstelling en het direct nodig criterium (voorwaarde 2).

Ook de erkenningsdiensten zijn niet vrijgesteld van omzetbelasting. De onderwijsvrijstelling mist immers toepassing omdat de opleiding tot medisch specialist niet behoort tot het onderwijsterrein waarvoor de opleidingsinrichtingen hebben te gelden als instellingen als bedoeld in art. 11, lid 1, letter o, Wet OB 1968.

bekijk onze abonnementen

Wilt u de (volledige) inhoud lezen?

Log in op BTW-PLAZA of word abonnee en krijg toegang.

BTW-PLAZA

Meld u nu aan en ga direct aan de slag

direct aanmelden

Btw-nieuws

Actueel btw-nieuws met vertaling naar de praktijk

Btw-kennis

Zelf op zoek naar voor u relevante antwoorden

Btw-tools

Handige (reken)tools voor uw btw-administratie

Btw-advies

Gratis btw-advies altijd binnen handbereik