U bevindt zich hier:

Hof Arnhem-Leeuwarden heeft geoordeeld dat het ontvangen van prijzengeld voor paardenwedren niet als een belaste prestatie kwalificeert voor de btw. Dit leidt ertoe dat geen sprake is van ondernemerschap voor de btw.

Feiten

Een drafpaardenfokker staat sinds 1987 bij de Belastingdienst voor de btw ingeschreven als ondernemer ter zake van het fokken, trainen en laten racen van drafpaarden. De drafpaardenfokker neemt uitsluitend deel aan wedstrijden van de vereniging Nederlandse Draf- en rensport. In 2014 heeft de drafpaardenfokker een veewagen gekocht inclusief btw. Deze btw is als voorbelasting in aftrek gebracht. Naar aanleiding van een boekenonderzoek is de inspecteur van mening dat geen sprake is van ondernemerschap van de drafpaardenfokker, omdat de activiteiten zich meer toeleggen in de privé/hobby sfeer. In geschil is of de drafpaardenfokker kwalificeert als ondernemer voor de btw.

Rechtbank

Rechtbank Noord-Nederland oordeelt met verwijzing naar het arrest HvJ Bastova dat de terbeschikkingstelling van een paard door zijn btw-plichtige eigenaar aan een organisator van een paardenwedren geen dienst onder bezwarende titel vormt wanneer die terbeschikkingstelling er niet toe leidt dat deelnamegeld of andere directe vergoeding wordt betaald. Nu de drafpaardenfokker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van belaste prestaties ter zake van zijn activiteiten met drafpaarden, kan hij niet worden aangemerkt als ondernemer voor de btw. Het beroep wordt ongegrond verklaard.

Hof

Hof Arnhem-Leeuwarden verwijst naar vaste jurisprudentie van het HvJ en oordeelt dat de loutere uitoefening door de eigenaar van zijn eigendomsrecht op zich niet als een economische activiteit kan worden beschouwd: relevant is dat er activiteiten worden verricht in het economische verkeer en dat er een rechtstreeks verband bestaat tussen de verrichte activiteiten en een daadwerkelijk ontvangen vergoeding. Het Hof kan op basis van de feiten en omstandigheden en hetgeen de drafpaardenfokker ter zitting heeft verklaard niet de conclusie trekken dat de drafpaardenfokker economische activiteiten verricht. Het hof baseert dit op het volgende oordeel.

Indien en voor zover de drafpaardenfokker gelden zou ontvangen van de organisator van een paardenwedstrijd voor de terbeschikkingstelling van een paard met het oog op deelname van dat paar aan die wedren, is dit geen dienst onder bezwarende titel in de zin van de btw-richtlijn. Dit volgt uit het arrest Bastova van het HvJ. Dit zou anders kunnen zijn indien de drafpaardenfokker reeds een vergoeding zou ontvangen van de organisator van de wedstrijd, onafhankelijk van de rangschikking van het paard bij aankomst in de wedstrijd. Dit is in deze casus echter niet het geval.

Het fokken en trainen van renpaarden met het doel deze voor een hoger bedrag te verkopen kan een economische activiteit zijn, zo volgt uit het Bastova arrest. Indien de drafpaardenfokker in of kort voorafgaand aan dan wel volgend op het voorliggende tijdvak eigen renpaarden fokt en traint om deze uiteindelijk voor een hoger bedrag te verkopen, zouden de kosten van een veewagen aldus een middel kunnen zijn ter bevordering van die economische activiteit. De drafpaardenfokker heeft echter ter zitting gesteld dat er sinds de aanvang van het in geding zijnde tijdvak geen enkel paard met die bedoeling is verkocht. Van optreden in het economische verkeer met de paarden is om die reden geen sprake. De inspecteur heeft de aftrek van de voorbelasting op de gekochte veewagen terecht gecorrigeerd.

bekijk onze abonnementen

Wilt u de (volledige) inhoud lezen?

Log in op BTW-PLAZA of word abonnee en krijg toegang.

BTW-PLAZA

Meld u nu aan en ga direct aan de slag

direct aanmelden

Btw-nieuws

Actueel btw-nieuws met vertaling naar de praktijk

Btw-kennis

Zelf op zoek naar voor u relevante antwoorden

Btw-tools

Handige (reken)tools voor uw btw-administratie

Btw-advies

Gratis btw-advies altijd binnen handbereik