U bevindt zich hier:

De Hoge Raad heeft de zaak Turbu.com BV opnieuw verwezen naar een hof, omdat het oordeel van Hof Arnhem-Leeuwarden inzake de weigering van het nultarief wegens deelname aan btw-carrouselfraude onvoldoende is gemotiveerd.

Feiten


Turbu.com BV (hierna: BV) handelt onder meer in mobiele telefoons. Volgens haar administratie heeft de BV in de maanden augustus tot en met december 2001 mobiele telefoons geleverd aan buitenlandse afnemers binnen de EU. In haar btw-aangiften past de BV op deze leveringen steeds het nultarief toe en ter zake van de voorbelasting verzoekt de BV om teruggaaf. Na een strafrechtelijke veroordeling van de directeur van de BV wegens - kort gezegd - btw-fraude, heeft de inspecteur btw nageheven, omdat de BV volgens hem ter zake van leveringen van mobiele telefoons ten onrechte het nultarief heeft toegepast. In geschil is of dit terecht is.

Procedure


Hof Den Bosch heeft de inspecteur in het gelijk gesteld. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 8 maart 2013 die uitspraak echter gecasseerd en de zaak verwezen naar Hof Arnhem-Leeuwarden. Dit hof diende te onderzoeken of de BV bij het toepassing van het nultarief wist of had moeten weten dat zij deelnam aan btw-fraude in het kader van een keten van leveringen. Dit hof oordeelde dat sprake is van een op listige wijze opgezette btw-fraudecarrousel en dat de BV wist dat zij daaraan deelnam. Daarom heeft de BV geen recht op het nultarief, aldus het verwijzingshof. De BV heeft tegen deze uitspraak cassatieberoep ingesteld.

Hoge Raad


De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet goed heeft gemotiveerd dat er in de carrousel ‘ploffers’ zaten. Op grond van de stukken van het geding is zonder nadere motivering niet duidelijk op welk onderdeel van het proces-verbaal van de FIOD-ECD het hof zijn oordeel heeft gebaseerd dat drie buitenlandse afnemer van de BV opzettelijk niet hebben voldaan aan hun verplichting om aangifte te doen van de intracommunautaire verwervingen c.q. dat deze afnemers de aldaar verschuldigde btw met opzet niet hebben voldaan. Bovendien kan aan het oordeel dat deze drie afnemers ‘ploffers’ waren niet het gevolg worden verbonden dat bij de andere buitenlandse afnemers sprake is geweest van btw-fraude, aangezien niet is vastgesteld dat ook deze afnemers ‘ploffers’ waren of dat de telefoons die aan deze afnemers zijn geleverd vervolgens zijn geleverd aan de drie eerder genoemde afnemers. Het beroep van de BV is in zoverre gegrond en de Hoge Raad verwijst de zaak naar Hof Den Haag.

bekijk onze abonnementen

Wilt u de (volledige) inhoud lezen?

Log in op BTW-PLAZA of word abonnee en krijg toegang.

BTW-PLAZA

Meld u nu aan en ga direct aan de slag

direct aanmelden

Btw-nieuws

Actueel btw-nieuws met vertaling naar de praktijk

Btw-kennis

Zelf op zoek naar voor u relevante antwoorden

Btw-tools

Handige (reken)tools voor uw btw-administratie

Btw-advies

Gratis btw-advies altijd binnen handbereik